Beschikbare editiesVenster sluiten
« Wereldwijde perskamer
Venster sluiten

De mormoonse ethiek van wellevendheid

De politieke wereld maakt een roerige tijd door. In veel landen wankelt de economie. Het vertrouwen onder burgers neemt af. De mensen voelen zich kwetsbaar. En de sociale binding wordt minder. Intussen horen we op straat, in het gemeentehuis en in de media voortdurend verhalen over ergernis en woede. Waar horen we in deze tijden van uitersten nog stemmen die oproepen tot evenwicht en ingetogenheid? Thomas S. Monson, president van de mormoonse kerk heeft tijdens een interkerkelijke bijeenkomst gezegd: ‘Als we ons denken laten beïnvloeden door een geest van goede wil, en we een gezamenlijk probleem eensgezind aanpakken, kunnen de resultaten uiterst bevredigend zijn.’ Voormalig kerkpresident Gordon B. Hinckley heeft ooit gezegd dat ‘in een maatschappij samenleven met respect en zorg voor elkaar (…) het kenmerk van beschaving is.’ Dat kenmerk komt steeds meer in de verdrukking.

Zoveel gewoonten in de hedendaagse cultuur — alomtegenwoordige media, anonieme deelname aan online discussies, politisering van routinezaken, en een versplinterd gemeenschaps- en gezinsleven — ondermijnen de deugden en manieren die een vreedzaam samenleven in een pluralistische maatschappij mogelijk maken. De samenhang van de burgermaatschappij wordt bedreigd door de grote uitersten. Dus wordt wellevendheid de maatstaf voor ons collectieve en individuele karakter als burgers in een democratie.

Een gezonde democratie bewaart het evenwicht met diverse middelen, waaronder een lappendeken van strijdige belangen en een effectief systeem van overheidscontrole. Niettemin steunt deze orde uiteindelijk op de integriteit van de bevolking. Tijdens een halfjaarlijkse wereldwijde algemene conferentie van de kerk zei ouderling D. Todd Christofferson van het Quorum der Twaalf Apostelen het volgende: ‘Uiteindelijk kan alleen het innerlijke morele kompas in ieder individu doeltreffend afrekenen met de oorzaken en symptomen van het verval in de samenleving.’ En presiderende bisschop H. David Burton legde nadruk op het feit dat de deugden trouw, naastenliefde, gulheid, ootmoed en verantwoordelijkheid het fundament vormen ‘van een christelijk leven en […] de uiterlijke manifestatie [zijn] van de innerlijke mens.’ Zo gaan morele deugden dus over in burgerdeugden. De ernst van de problemen waar wij met ons allen voor staan, vereist een even ernstige inzet van redelijke denkbeelden en oplossingen. We hebben een stevig debat nodig, geen rancuneuze ruzies.

Wellevendheid is meer dan een manier om een dialoog te voeren. Het is vooral een manier om met elkaar om te gaan. De manier waarop de onderdelen van de samenleving door de techniek met elkaar verbonden zijn, maakt afzondering onmogelijk.  Van alles in de hedendaagse wereld is het voor godsdienst misschien wel het moeilijkst om zich aan te passen aan het geven en nemen met het publiek.  De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen is in het verleden in haar interactie met het publiek de legitieme belangen van de verschillende belanghebbenden nooit uit de weg gegaan, en dat is nog steeds zo.  In plaats van zichzelf boven de wet en de noodzaak tot wellevendheid te plaatsen, heeft de kerk er altijd naar gestreefd om met anderen samen te werken, en heeft zij de gevaren van verbitterde confrontaties vermeden.

President Monson heeft over deze wellevende manier om met elkaar om te gaan gezegd: ‘Wij als kerk proberen niet alleen onze eigen leden te bereiken, maar ook andere mensen van goede wil over de hele wereld, in de geest van broederschap die van de Heer Jezus Christus komt.’ Ouderling Robert D. Hales van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft leden van de mormoonse kerk geleerd hoe zij met wellevendheid op kritiek moeten reageren: ‘Sommige mensen denken onterecht dat reacties zoals stilzwijgen, zachtmoedigheid, vergevensgezindheid en het geven van een nederig getuigenis passief of zwak zijn. Maar onze vijanden lief te hebben, hen te zegenen die ons vervloeken, goed te doen aan hen die ons haten, en te bidden voor wie ons vervolgen (zie Matteüs 5:44) vergt geloof, kracht en bovenal christelijke moed.’

De morele grondslag van wellevendheid is de gulden regel, die ons door veel mensen en in veel culturen wordt geleerd. De meest populaire uitspraak hierover is misschien wel die van Jezus Christus: ‘Gelijk gij wilt, dat u de mensen doen, doet gij hun evenzo’ (Lucas 6:31). Deze ethiek van wederkerigheid herinnert ieder van ons aan onze verplichting tegenover elkaar en versterkt de gemeenschappelijke aard van het menselijk leven.

In het Boek van Mormon staat een ontnuchterend verhaal over maatschappelijk verval, waarin diverse volken de cyclus van welvaart, hoogmoed en verval herhalen. In bijna alle gevallen worden de zaadjes van het verval gezaaid met het overtreden van de eenvoudige regels van de wellevendheid. Samenwerking, nederigheid en empathie worden geleidelijk verdrongen door rivaliteit, twist en kwaadaardigheid.

De noodzaak van wellevendheid is misschien nog wel het meest relevant op het gebied van partijpolitiek. In alle landen van de wereld waar de kerk actief is, omarmt zij de verrijking die het pluralisme inhoudt. Als gevolg daarvan bestrijken de leden van de mormoonse kerk wat politieke diversiteit betreft het volledige ideologische spectrum. Het staat het individuele lid vrij om zelf zijn politieke filosofie en aanhang te bepalen. Bovendien hangt de kerk geen enkele specifieke politieke ideologie aan, noch steunt zij enige politieke beweging. Zij is in geen enkele categorie te plaatsen. Haar morele waarden kunnen weerspiegeld worden door verschillende partijen en ideologieën.

Verder vindt de kerk het zorgelijk dat een politiek van angst en verbaal extremisme een fatsoenlijk debat onmogelijk maakt. Nu de kerk meer bekendheid krijgt, en haar leden meer in de publieke belangstelling komen te staan, is het logisch dat leden verschillende meningen blijken te uiten. Sommigen zouden die meningen onterecht kunnen aanzien als zijnde representatief voor de kerk, of als een officiële kerkelijke uitspraak. Maar individuele leden denken en spreken voor zichzelf. Alleen het Eerste Presidium en de Twaalf Apostelen spreken namens de hele kerk.

De mormoonse ethiek vergt van kerkleden dat zij hun naasten respectvol behandelen, ongeacht de situatie. Gedrag in een godsdienstige situatie dient overeen te komen met gedrag in een wereldse situatie. De kerk hoopt dat ons democratische systeem ertoe zal leiden dat wij vriendelijker en redelijker gedachtewisselingen zullen hebben met onze mede-burgers dan momenteel het geval is. Tijdens de persconferentie op de dag dat hij als president van de kerk was voorgesteld, beklemtoonde president Monson het belang van samenwerking in de samenleving: ‘Alle heiligen der laatste dagen hebben de verantwoordelijkheid om actief te zijn in hun gemeenschap, en om samen te werken met andere kerken en organisaties. Het is mijn doel om (…) de zwakte van het individu dat alleen staat te vervangen door de kracht van mensen die samenwerken.’

Blogcategorieën

Blogarchieven

Over

This blog is managed and written by staff of the Public Affairs Department of The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints. The information here is reliable and accurate but should not necessarily be viewed as official statements from the Church. The purpose of this blog is to provide journalists, bloggers, and the public with additional context and information regarding public issues involving the Church. For official news releases and statements from the Church, visit Newsroom.lds.org.

Blogcategorieën